Navigatie

Home / Kennisbank / Erfenis en huwelijk

Erfenis en huwelijk

Wie getrouwd is en een erfenis ontvangt, vraagt zich al snel af van wie dat geld eigenlijk is. Valt het in de huwelijksgemeenschap, moet u het bij een scheiding delen, en wat als u het al heeft gebruikt voor de hypotheek? De verhouding tussen een erfenis en gemeenschap van goederen hangt af van één datum, […]

Wie getrouwd is en een erfenis ontvangt, vraagt zich al snel af van wie dat geld eigenlijk is. Valt het in de huwelijksgemeenschap, moet u het bij een scheiding delen, en wat als u het al heeft gebruikt voor de hypotheek? De verhouding tussen een erfenis en gemeenschap van goederen hangt af van één datum, van wat er in het testament staat en van wat u daarna met het geld heeft gedaan.

Dezelfde vraag speelt in omgekeerde richting. Als u overlijdt, bepaalt uw relatievorm wat uw partner krijgt. Een echtgenoot of geregistreerd partner is wettelijk erfgenaam, een samenwonende partner niet. Zonder testament of goede afspraken kan een partner na tientallen jaren samenleven met lege handen staan.

Dit artikel geeft het overzicht: de beperkte en de algehele gemeenschap, de erfenis bij een scheiding, huwelijkse voorwaarden, het erfrecht voor gehuwden en samenwoners en de erfbelasting. Waar een onderwerp elders verder is uitgewerkt, verwijzen wij daarnaar.

⚖️ In het kort

  • Getrouwd op of na 1 januari 2018: een erfenis blijft in beginsel privé, ook zonder uitsluitingsclausule.
  • Getrouwd vóór 2018 zonder huwelijkse voorwaarden: een erfenis valt in de gemeenschap, tenzij het testament een uitsluitingsclausule bevat.
  • Is een privé-erfenis gebruikt voor gezamenlijke uitgaven, dan kan er een vergoedingsrecht ontstaan op grond van art. 1:87 BW.
  • Echtgenoten en geregistreerde partners hebben hetzelfde erfrecht; samenwoners erven zonder testament niets.
  • Een samenlevingscontract met verblijvingsbeding en een testament zijn voor samenwoners de belangrijkste instrumenten.
  • Voor de partnervrijstelling in de erfbelasting gelden voor samenwoners strikte voorwaarden.

De beperkte gemeenschap van goederen sinds 1 januari 2018

Voor huwelijken en geregistreerde partnerschappen die op of na 1 januari 2018 zijn gesloten, geldt zonder huwelijkse voorwaarden de beperkte gemeenschap van goederen. Gemeenschappelijk is wat u tijdens het huwelijk samen opbouwt, plus wat u vóór het huwelijk al samen bezat.

Erfenissen en schenkingen vallen daar buiten. Art. 1:94 lid 2 onder a BW zondert goederen uit die krachtens erfopvolging, making of gift zijn verkregen, of dat nu vóór of tijdens het huwelijk gebeurt. Ook de vruchten, zoals rente of huurinkomsten, blijven volgens art. 1:94 lid 6 BW buiten de gemeenschap.

Er is één uitzondering: de erflater kan in het testament bepalen dat de erfenis juist wél in de gemeenschap valt. Dat komt weinig voor, maar het is goed om het testament erop na te lezen.

Getrouwd vóór 2018: de uitsluitingsclausule beslist

Bent u vóór 1 januari 2018 getrouwd zonder huwelijkse voorwaarden, dan geldt nog steeds de algehele gemeenschap van goederen. De wetswijziging heeft geen terugwerkende kracht. In beginsel is alles gezamenlijk, ook wat u erft of geschonken krijgt. Een erfenis van uw eigen ouders valt dan voor de helft aan uw echtgenoot toe. Voor geregistreerde partnerschappen van vóór 2018 geldt hetzelfde.

Dat verandert als de erflater een uitsluitingsclausule heeft opgenomen: een bepaling in het testament of de schenkingsakte dat wat iemand verkrijgt niet in een huwelijksgemeenschap valt. Dan blijft de erfenis ook in een oud huwelijk privé. Volgens art. 1:94 lid 4 BW gaat zo’n clausule zelfs voor op huwelijkse voorwaarden die erfenissen in de gemeenschap laten vallen. Bij erven zonder testament is er geen clausule.

Voor ouders die nu een testament of schenkingsakte laten opstellen, blijft de clausule zinvol, bijvoorbeeld als hun kind vóór 2018 is getrouwd. Meer hierover leest u bij de uitsluitingsclausule.

Gratis nieuwsbrief

Juridische tips in uw mailbox

Wij sturen regelmatig een korte nieuwsbrief met praktische juridische tips over arbeidsrecht, huurrecht en erfrecht. U laat alleen uw naam en e-mailadres achter.

Bewijs en vermenging van privégeld

Om te weten welk regime voor u geldt, heeft u drie gegevens nodig: de datum van het huwelijk of de registratie, eventuele huwelijkse voorwaarden uit het huwelijksgoederenregister bij de rechtbank en het testament van de erflater. Heeft u dat testament niet, dan kunt u via het Centraal Testamentenregister nagaan bij welke notaris het ligt.

Daarna draait het om bewijs. Ontstaat er tussen echtgenoten een geschil over de vraag aan wie een goed toebehoort en kan geen van beiden zijn recht bewijzen, dan geldt het volgens art. 1:94 lid 8 BW als gemeenschapsgoed. Een privé-erfenis die op een gezamenlijke rekening is gestort of in een verbouwing is opgegaan, wordt daardoor niet vanzelf gemeenschappelijk. Maar als na jaren niet meer te zien is welk deel van wie is, werkt dat vermoeden tegen u. Dat heet vermenging.

Zet een erfenis daarom op een rekening op uw eigen naam. Gebruikt u het geld voor iets gezamenlijks, leg dan samen schriftelijk vast welk bedrag uit uw erfenis komt. Bewaar de verklaring van erfrecht, de akte van verdeling en de bankafschriften.

Vergoedingsrechten: wat u terug kunt vragen

Is privégeld uit een erfenis gebruikt voor de gemeenschap, dan kan er een vergoedingsrecht ontstaan. Lost u met uw erfenis een deel van de gezamenlijke hypotheek af, dan geeft art. 1:96 lid 4 BW u recht op vergoeding uit de gemeenschap, en verwijst voor de hoogte naar art. 1:87 BW. Draagt uw erfenis bij aan de aankoop van een goed dat in de gemeenschap valt, dan volgt hetzelfde uit art. 1:95 lid 2 BW.

Volgens art. 1:87 BW is de vergoeding een evenredig deel van de waarde van het goed. Is de woning in waarde gestegen, dan groeit uw vergoeding mee. Is de waarde gedaald, dan ontvangt u minder, maar alleen als het geld met toestemming van uw partner is aangewend. Zonder die toestemming bedraagt de vergoeding ten minste het nominale bedrag. Voor goederen die bedoeld zijn om te worden verbruikt, geldt altijd het nominale bedrag.

Echtgenoten kunnen hier onderling van afwijken. Er is geen vergoeding verschuldigd voor zover u met het geld een verplichting voldeed die op u zelf rustte, zoals uw aandeel in de kosten van de huishouding. Bij uitgaven van vóór 2012 gelden andere uitgangspunten, omdat art. 1:87 BW pas sindsdien in de huidige vorm geldt.

Wat er met uw erfenis gebeurt bij een scheiding

Bij een scheiding wordt eerst vastgesteld wat tot de gemeenschap behoort en wat privé is. Een privé-erfenis wordt niet verdeeld, een erfenis die in de gemeenschap is gevallen in beginsel bij helfte. Daarna worden de vergoedingsrechten verrekend.

Belangrijk is het peilmoment. Volgens art. 1:99 BW wordt de gemeenschap bij een echtscheiding ontbonden op het moment dat het verzoek bij de rechter wordt ingediend. Een erfenis die u na dat moment ontvangt, valt ook bij een huwelijk van vóór 2018 niet meer in de gemeenschap.

In onze praktijk gaat de discussie zelden over de vraag of een erfenis privé is, en vaak over de vraag waar het geld is gebleven. Verzamel de stukken daarom voordat de onderhandelingen beginnen. Lopen de gesprekken vast, lees dan meer over een erfgeschil.

Een voorbeeld: erfenis, hypotheek en scheiding

Stel: een vrouw en haar man trouwen in 2019 zonder huwelijkse voorwaarden. Zij kopen samen een woning van 400.000 euro met een gezamenlijke hypotheek. Woning en hypotheek vallen in de beperkte gemeenschap.

In 2022 overlijdt haar vader. Zij erft 80.000 euro, privé, want het huwelijk is van na 2018. In overleg met haar man lost zij met dat geld 80.000 euro af op de hypotheek. De woning is op dat moment 500.000 euro waard. Zij heeft daarmee 16 procent van de waarde van de woning gefinancierd.

In 2026 dient het stel een verzoek tot echtscheiding in. Bij de verdeling is de woning 560.000 euro waard en staat er nog 320.000 euro hypotheek op. De overwaarde bedraagt 240.000 euro. Haar vergoedingsrecht is 16 procent van 560.000 euro, dus 89.600 euro. Dat bedrag gaat eerst naar haar. Van de resterende 150.400 euro krijgen beiden de helft: 75.200 euro.

Zij ontvangt in totaal 164.800 euro, hij 75.200 euro. Had zij niet kunnen aantonen dat de aflossing uit haar erfenis kwam, dan had ieder 120.000 euro gekregen. Was de woning in waarde gedaald, dan was haar vergoeding meegezakt, omdat zij met toestemming van haar man aflost.

Voorbeeld uit dit artikel

Hoe de overwaarde van 240.000 euro wordt verdeeld

  • De vrouw kan aantonen dat de aflossing uit haar erfenis kwam: eerst haar vergoedingsrecht van 89.600 euro, dan ieder de helft164.800 euro75.200 euro
  • Zij kan dat niet aantonen: ieder de helft120.000 euro120.000 euro

wat de vrouw ontvangtwat de man ontvangt

Huwelijkse voorwaarden en een erfenis

Met huwelijkse voorwaarden wijkt u af van de wettelijke gemeenschap. Bij een koude uitsluiting is er geen gemeenschap en wordt er niets verrekend. Wat u erft, blijft van u.

Bij een periodiek verrekenbeding verrekenen echtgenoten jaarlijks de overgespaarde inkomsten. Art. 1:133 lid 2 BW bepaalt dat die verrekening geen betrekking heeft op vermogen uit een erfenis of schenking, ook niet op de vruchten daarvan, tenzij de voorwaarden uitdrukkelijk anders bepalen.

Bij een finaal verrekenbeding wordt bij scheiding of overlijden afgerekend alsof er een gemeenschap van goederen was. Ook dan blijven erfenissen meestal buiten de verrekening. Een finaal verrekenbeding bij overlijden kan voor de erfbelasting gunstig zijn, omdat de minst vermogende partner een vordering krijgt die in beginsel niet als erfenis wordt belast.

Als u overlijdt: wat erft uw echtgenoot of geregistreerd partner?

Twee relatievormen naast elkaar

De positie van uw partner na uw overlijden

  • Echtgenoot of geregistreerd partnerZonder testamentErfgenaam, samen met de kinderen. Via de wettelijke verdeling krijgt de langstlevende alle goederen.Erfbelasting in 2026Vrijstelling van 828.035 euro, verminderd met bepaalde pensioenaanspraken. Daarboven 10 en 20 procent.
  • Samenwonende partnerZonder testamentGeen erfgenaam, hoe lang u ook samenwoont. Wel nog zes maanden gebruik van de woning en de inboedel, bij een duurzame gemeenschappelijke huishouding.Erfbelasting in 2026Dezelfde vrijstelling alleen onder strikte voorwaarden. Anders een vrijstelling van 2.769 euro en 30 en 40 procent.

Bij een overlijden wordt eerst de huwelijksgemeenschap ontbonden. De langstlevende houdt de helft van die gemeenschap. Alleen de andere helft, aangevuld met eventueel privévermogen van de overledene, vormt de nalatenschap. Een privé-erfenis van de overledene valt dus volledig in de nalatenschap.

Zonder testament is de echtgenoot samen met de kinderen erfgenaam. Via de wettelijke verdeling van art. 4:13 BW krijgt de langstlevende alle goederen en krijgen de kinderen een geldvordering die in beginsel pas opeisbaar is na het overlijden van de langstlevende. Zie ook het kindsdeel.

Wordt de echtgenoot in een testament onterfd, dan kan hij of zij op grond van art. 4:29 en 4:30 BW in bepaalde gevallen een vruchtgebruik op de woning en andere goederen verlangen. Zie onterving van een echtgenoot.

Voor dit alles staan geregistreerde partners gelijk aan echtgenoten. Art. 4:8 BW bepaalt dat voor het hele erfrecht, en via art. 1:80b BW geldt ook het huwelijksvermogensrecht voor hen.

Samenwonen: geen wettelijk erfrecht

Hoe lang u ook samenwoont, zonder testament bent u geen erfgenaam van uw partner. De nalatenschap gaat dan naar de kinderen van de overledene, of bij gebrek aan kinderen naar ouders, broers en zussen. Zie de wettelijke erfopvolging.

De wet geeft samenwoners één beperkt recht. Op grond van art. 4:28 lid 2 BW mag wie met de overledene een duurzame gemeenschappelijke huishouding had, de woning en de inboedel nog zes maanden blijven gebruiken. Daarna kunnen de erfgenamen de woning opeisen of verkopen.

Bezitten samenwoners de woning samen, dan is ieder voor de helft eigenaar. De helft van de overledene valt in de nalatenschap. Zonder afspraken wordt de langstlevende mede-eigenaar met bijvoorbeeld de ouders of kinderen van de overledene.

Samenlevingscontract, verblijvingsbeding en testament

Voor samenwoners is het verblijvingsbeding in het samenlevingscontract het belangrijkste instrument. Daarmee spreekt u af dat gezamenlijke goederen, zoals de woning, bij overlijden geheel aan de langstlevende toekomen. Of de langstlevende de erfgenamen daarvoor moet vergoeden, hangt af van de formulering.

Het beding regelt alleen wat gezamenlijk is. Voor spaargeld en andere goederen op naam van de overledene heeft u een testament nodig waarin u elkaar tot erfgenaam benoemt. Met kinderen is een langstlevende testament de gebruikelijke vorm. Zie ook een testament opstellen.

Benoemt u uw partner tot enig erfgenaam, dan houden uw kinderen recht op hun legitieme portie. Bij een echtgenoot kan het testament bepalen dat die vordering pas opeisbaar is na diens overlijden. Art. 4:82 BW maakt dat ook mogelijk voor een samenwonende partner, maar alleen bij een gemeenschappelijke huishouding en een notarieel samenlevingscontract. Ontbreekt dat, dan kunnen de kinderen hun legitieme portie binnen afzienbare tijd na het overlijden opeisen. Is er naast de woning weinig vermogen, dan kan de partner gedwongen zijn de woning te verkopen om die vorderingen te voldoen.

Erfbelasting en de partnervrijstelling

Een echtgenoot of geregistreerd partner heeft in 2026 een vrijstelling van 828.035 euro, die wordt verminderd met de waarde van bepaalde pensioenaanspraken. Over het meerdere betaalt de partner 10 procent tot 158.669 euro en 20 procent daarboven. Zie erfbelasting voor de partner.

Samenwoners krijgen dezelfde behandeling als zij ten minste zes maanden voor het overlijden aan alle voorwaarden voldeden: een notarieel samenlevingscontract met een wederzijdse zorgverplichting, beiden meerderjarig, ingeschreven op hetzelfde adres, geen bloedverwanten in de rechte lijn en geen andere partner voor de erfbelasting. Zonder notarieel contract kunt u ook partner zijn als u beiden ten minste vijf jaar op hetzelfde adres staat ingeschreven.

Voldoet u daar niet aan, dan geldt een vrijstelling van slechts 2.769 euro en een tarief van 30 en 40 procent. Zie de vrijstelling erfbelasting.

Samengestelde gezinnen vragen extra aandacht

Stiefkinderen zijn geen erfgenaam van hun stiefouder. Bij de wettelijke verdeling krijgt de langstlevende de goederen, en wat hij of zij nalaat, gaat alleen naar de eigen kinderen. De kinderen van de eerststervende houden hun geldvordering, maar meer niet. Zie erfrecht voor stiefkinderen.

De wet geeft kinderen in bepaalde situaties wilsrechten, onder meer als de langstlevende hertrouwt. Daarmee kunnen zij verlangen dat goederen aan hen worden overgedragen. Die rechten moeten actief worden ingeroepen.

Ook het huwelijksregime telt mee. Bij een algehele gemeenschap komt de helft van het vermogen van de ene partner bij overlijden toe aan de andere, en daarmee mogelijk aan diens kinderen. Stem huwelijkse voorwaarden en testament daarom op elkaar af. Zie erfrecht in samengestelde gezinnen.

Veelgestelde vragen over erfenis en huwelijk

Is een erfenis privé als u in gemeenschap van goederen bent getrouwd?

Bent u op of na 1 januari 2018 getrouwd, dan blijft een erfenis in beginsel privé. Bij een huwelijk van daarvoor valt zij in de gemeenschap, tenzij het testament een uitsluitingsclausule bevat.

Moet ik mijn erfenis delen bij een scheiding?

Alleen als de erfenis in de gemeenschap is gevallen. Is zij privé maar gebruikt voor gezamenlijke uitgaven, dan heeft u mogelijk een vergoedingsrecht op grond van art. 1:87 BW.

Wat als ik mijn erfenis op een gezamenlijke rekening heb gezet?

Dan blijft zij juridisch privé, maar moet u kunnen aantonen welk bedrag uit de erfenis kwam. Lukt dat niet, dan wordt het geld als gemeenschappelijk aangemerkt.

Erft mijn samenwonende partner automatisch?

Nee. Samenwoners hebben geen wettelijk erfrecht en hebben een testament nodig. Zie het verblijvingsbeding voor de gezamenlijke woning.

Heeft een geregistreerd partner hetzelfde erfrecht als een echtgenoot?

Ja. Voor het erfrecht en de erfbelasting staan geregistreerde partners gelijk aan echtgenoten, inclusief de wettelijke verdeling en de partnervrijstelling.

Krijgen samenwoners de partnervrijstelling in de erfbelasting?

Alleen als zij aan de voorwaarden voldoen, zoals een notarieel samenlevingscontract met zorgverplichting en zes maanden inschrijving op hetzelfde adres, of vijf jaar samen ingeschreven. Zie erfbelasting voor de partner.

Duidelijkheid over uw erfenis en uw relatie

De juridische vraag wat er met een erfenis gebeurt binnen een relatie, is vaak eenvoudiger dan de situatie zelf. De datum van het huwelijk, het testament van de erflater en de manier waarop het geld is gebruikt, bepalen samen het grootste deel van de uitkomst.

Wat het lastig maakt, is dat die vragen meestal pas aan de orde komen bij een scheiding of een overlijden, als de verhoudingen onder druk staan. Wie nu vastlegt wat privé is en wat gezamenlijk, en een testament heeft dat past bij de relatie, voorkomt dat anderen dat later moeten reconstrueren. Ook een testament voor de langstlevende kan daarbij helpen.

Van Zinnicq Bergmann staat sinds 1870 naast cliënten in Noord-Brabant en daarbuiten. Speelt er een discussie over een erfenis binnen uw huwelijk, over een vergoedingsrecht bij een scheiding of over de positie van uw partner na een overlijden, neemt u dan gerust telefonisch contact met ons op.

Wetgeving en rechtspraak veranderen. Dit artikel geeft algemene informatie en is geen juridisch advies. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend.

Wat cliënten over ons kantoor zeggen

9,5

uit 43 beoordelingen op Klantenvertellen

Ze schakelt snel, communiceert helder en heeft oog voor zowel de juridische als de menselijke kant van de zaak.

Jeroen, HedelHanneke van Haarlem, arbeidsrecht2026 via Klantenvertellen

Hij is deskundig, betrokken en werkt heel zorgvuldig. De communicatie verliep prettig en duidelijk, wat mij veel rust en vertrouwen gaf.

Sophie v G., ArnhemJean van Zinnicq Bergmann, erfrecht2026 via Klantenvertellen

Ik werd bij elke stap geholpen, werd voortdurend op de hoogte gehouden en werd hartelijk behandeld.

Olha Safarova, 's-HertogenboschHanneke van Haarlem, arbeidsrecht2026 via Klantenvertellen

Na maanden van op en neer mailen en bellen zijn we er dankzij de deskundigheid van Hanneke toch samen uitgekomen.

Edwin, UdenHanneke van Haarlem, arbeidsrecht2026 via Klantenvertellen

Ze vertelt alles heel rustig en kalm. Je weet meteen waar je aan toe bent en je kunt zien dat ze heel ervaren is.

Michael Oosterwaal, VlijmenHanneke van Haarlem2026 via Klantenvertellen

Zeer toegankelijk en laagdrempelig in de communicatie, evenals doortastend en meelevend.

René, BestHanneke van Haarlem2025 via Klantenvertellen

Krachtig, snel en kundig. Alissa heeft direct de onzekerheden weggenomen.

Anoniem, 's-HertogenboschAlissa van der Voet2025 via Klantenvertellen

Het kantoor hanteert een heldere en prettige manier van communiceren en men komt snel ter zake.

Marco, RosmalenArbeidsrecht2024 via Klantenvertellen

Cliënten krijgen na afloop van hun zaak een uitnodiging van Klantenvertellen om hun ervaring te delen.

Leg uw kwestie vrijblijvend voor

Beschrijf in het kort waar uw vraag over gaat. Een van onze advocaten neemt contact met u op om te bespreken wat mogelijk is.

Wij reageren binnen één werkdag
← Terug naar kennisbank

Meer weten of verder verdiepen?

Met meer dan 150 jaar ervaring en een sterke specialisatie in erfrecht en arbeidsrecht biedt Van Zinnicq Bergmann Advocaten deskundige en betrouwbare juridische begeleiding. Onze advocaten combineren diepgaande kennis met een persoonlijke en betrokken aanpak, waardoor u kunt rekenen op helder advies en een oplossing die echt werkt. Wij staan bekend om onze integriteit, duidelijke communicatie en het vermogen om complexe juridische vraagstukken terug te brengen tot overzicht en rust.

Neem contact op