Navigatie

Home / Kennisbank / Erfbelasting berekenen: tarieven en schijven

Erfbelasting berekenen: tarieven en schijven

Zodra duidelijk is wat er in een nalatenschap zit, komt vrijwel altijd dezelfde vraag: hoeveel houd ik er netto van over? Erfbelasting berekenen is op zichzelf geen ingewikkelde rekensom, maar er zitten drie stappen in die veel mensen door elkaar halen. Eerst wordt de waarde van uw verkrijging bepaald, daarna gaat uw persoonlijke vrijstelling eraf, […]

Zodra duidelijk is wat er in een nalatenschap zit, komt vrijwel altijd dezelfde vraag: hoeveel houd ik er netto van over? Erfbelasting berekenen is op zichzelf geen ingewikkelde rekensom, maar er zitten drie stappen in die veel mensen door elkaar halen. Eerst wordt de waarde van uw verkrijging bepaald, daarna gaat uw persoonlijke vrijstelling eraf, en pas over wat er dan nog staat wordt een percentage geheven.

Die volgorde is bepalend. Wie het tarief meteen op het hele bedrag loslaat, komt op een uitkomst die veel te hoog is en schrikt onnodig. En wie de vrijstelling van een ander gebruikt, bijvoorbeeld die van een broer terwijl hij zelf kleinkind is, rekent zich juist rijk.

Hieronder lopen wij de rekensom stap voor stap door, met de percentages en schijven die op dit moment gelden en met voorbeelden die de verschillen tussen de tariefgroepen zichtbaar maken. Zo kunt u voor uw eigen situatie een betrouwbare schatting maken voordat de aanslag op de mat valt.

⚖️ In het kort

  • De rekensom kent drie stappen: waarde bepalen, vrijstelling aftrekken, tarief toepassen over het restant.
  • Er wordt per verkrijger gerekend, dus ieder kind maakt een eigen som met een eigen vrijstelling.
  • De schijfgrens ligt bij 158.669 euro. Daaronder geldt het lage tarief van uw groep, daarboven het hoge.
  • Partner en kinderen betalen 10 en 20 procent, kleinkinderen 18 en 36 procent, alle anderen 30 en 40 procent.
  • Voor een woning rekent u met de WOZ-waarde, niet met de verkoopopbrengst.
  • Schulden en uitvaartkosten gaan van de nalatenschap af voordat er wordt verdeeld.

Stap 1: bepaal de waarde van de nalatenschap

De basis is alles wat de overledene op de dag van overlijden bezat, verminderd met de schulden. Aan de bezittingenkant staan de woning, banksaldi, beleggingen, de inboedel, een auto, een eventuele onderneming en vorderingen op anderen. Aan de schuldenkant staan de hypotheek, openstaande rekeningen, belastingschulden en de kosten van de uitvaart voor zover die niet door een verzekering worden gedekt.

Voor de eigen woning geldt een eigen maatstaf: de WOZ-waarde. U mag kiezen tussen de WOZ-waarde van het jaar waarin het overlijden plaatsvond en die van het jaar erna. In een dalende markt is de tweede vaak gunstiger. Wij lichten dat toe bij de WOZ-waarde en de erfbelasting.

Welke schulden wel en niet meetellen is een onderwerp op zich, want niet alles wat na een overlijden betaald moet worden is ook aftrekbaar. Zie aftrekposten erfbelasting. Een volledige boedelbeschrijving is hierbij het handigste hulpmiddel, omdat alle erfgenamen dan van dezelfde cijfers uitgaan.

Stap 2: bereken uw eigen verkrijging

De erfbelasting wordt niet geheven over de nalatenschap als geheel, maar over wat ieder afzonderlijk krijgt. Zijn er drie kinderen en geen testament, dan verkrijgt ieder een derde. Staat er een testament met afwijkende breukdelen of met een legaat, dan volgt de verdeling die.

Let op de volgorde: legaten worden eerst afgezonderd. Laat iemand 20.000 euro na aan een vriendin en de rest aan twee kinderen, dan krijgt de vriendin die 20.000 euro en delen de kinderen wat overblijft. Wie dat omdraait, rekent voor de kinderen te hoog.

Bij de wettelijke verdeling ligt het anders. De langstlevende krijgt alle goederen, de kinderen krijgen een vordering ter grootte van hun erfdeel. Voor de erfbelasting telt die vordering gewoon mee, ook al is zij nog niet opeisbaar. Zie erfbelasting over het kindsdeel.

Gratis nieuwsbrief

Juridische tips in uw mailbox

Wij sturen regelmatig een korte nieuwsbrief met praktische juridische tips over arbeidsrecht, huurrecht en erfrecht. U laat alleen uw naam en e-mailadres achter.

Stap 3: trek uw vrijstelling af

Iedere verkrijger heeft een eigen vrijstelling. Voor kinderen en kleinkinderen is dat 26.230 euro, voor een kind met een beperking 78.671 euro, voor ouders 62.110 euro en voor iedereen daarbuiten 2.769 euro. De partnervrijstelling bedraagt 828.035 euro, maar wordt verlaagd met de helft van de waarde van een nabestaandenpensioen.

Blijft uw verkrijging onder de vrijstelling, dan is er niets verschuldigd en hoeft er in veel gevallen ook geen aangifte te worden gedaan. Komt u erboven, dan telt alleen het meerdere. De vrijstelling is dus geen drempel die bij overschrijding wegvalt, maar een bedrag dat er altijd afgaat. Een uitgebreid overzicht staat bij de vrijstelling erfbelasting.

Stap 4: pas het tarief toe

Over het bedrag dat na aftrek van de vrijstelling overblijft, gelden twee schijven. Tot 158.669 euro geldt het lage percentage van uw tariefgroep, over alles daarboven het hoge.

Tariefgroep Vrijstelling Eerste schijf Daarboven
Partner 828.035 euro 10 procent 20 procent
Kind of stiefkind 26.230 euro 10 procent 20 procent
Kleinkind 26.230 euro 18 procent 36 procent
Ouder 62.110 euro 30 procent 40 procent
Broer, zus, neef, vriend 2.769 euro 30 procent 40 procent

Een rekenvoorbeeld voor een kind

Rekenvoorbeeld uit dit artikel

Een alleenstaande vader, twee kinderen, geen testament

Uitgangspunt: een woning met een WOZ-waarde van 340.000 euro, een spaarrekening van 60.000 euro, een hypotheekschuld van 90.000 euro en 8.000 euro onverzekerde uitvaartkosten.

  • De nalatenschap: 340.000 plus 60.000, min 90.000 en 8.000302.000 euro
  • Verkrijging per kind, ieder de helft151.000 euro
  • Af: de vrijstelling voor een kind26.230 euro
  • Belast, onder de schijfgrens dus 10 procent124.770 euro
  • Erfbelasting per kind12.477 euro

Stel: een alleenstaande vader overlijdt en laat een woning na met een WOZ-waarde van 340.000 euro, een spaarrekening van 60.000 euro en een hypotheekschuld van 90.000 euro. De uitvaart kost 8.000 euro en er is geen uitvaartverzekering. Er zijn twee kinderen en geen testament.

De nalatenschap bedraagt dan 340.000 plus 60.000 min 90.000 min 8.000, samen 302.000 euro. Ieder kind verkrijgt 151.000 euro. Daar gaat de vrijstelling van 26.230 euro af, zodat 124.770 euro belast is. Dat blijft onder de schijfgrens, dus geldt 10 procent. Ieder kind betaalt 12.477 euro.

Was er één kind geweest, dan zou dat kind 302.000 euro verkrijgen. Na vrijstelling blijft 275.770 euro over. Daarvan valt 158.669 euro in de eerste schijf tegen 10 procent, dat is 15.866,90 euro. Over de resterende 117.101 euro geldt 20 procent, dat is 23.420,20 euro. Samen bijna 39.300 euro. Meer kinderen betekent dus niet alleen een kleiner erfdeel per persoon, maar ook een lagere belastingdruk over het geheel.

Hetzelfde bedrag, een andere relatie

Het verschil tussen de tariefgroepen is groter dan mensen verwachten. Neem een verkrijging van 100.000 euro en vergelijk drie situaties.

Een kind trekt 26.230 euro af en betaalt 10 procent over 73.770 euro, dat is 7.377 euro. Een kleinkind trekt hetzelfde bedrag af, maar betaalt 18 procent over 73.770 euro, dat is 13.278,60 euro. Een goede vriendin trekt 2.769 euro af en betaalt 30 procent over 97.231 euro, dat is 29.169,30 euro.

Wie iemand buiten de familie wil bedenken, doet er dus goed aan dat bij het opstellen van het testament mee te wegen. Van een legaat van 10.000 euro aan een verre bekende blijft na belasting ruim 7.800 euro over.

Rekenen bij een onterving

Is een kind onterfd, dan verandert de rekensom aan twee kanten. Het onterfde kind is geen erfgenaam en verkrijgt dus niet volgens het testament, maar het kan wel zijn legitieme portie inroepen. Die aanspraak is een vordering in geld op de nalatenschap.

Voor de erfbelasting wordt die vordering belast als verkrijging door het kind, met de gewone kindvrijstelling van 26.230 euro en het tarief van 10 en 20 procent. De onterving verandert de tariefgroep dus niet.

Aan de andere kant verlaagt die vordering wat de overige erfgenamen verkrijgen. Zij krijgen samen de nalatenschap minus de legitieme portie die is opgeëist, en over dat lagere bedrag worden zij belast.

De volgorde is daarbij belangrijk. De legitieme portie wordt berekend over een eigen grondslag, waarin ook bepaalde schenkingen uit het verleden worden meegeteld. Die grondslag is dus niet gelijk aan de nalatenschap zoals die in de aangifte staat. Dat verschil zorgt regelmatig voor verwarring en het is een reden om beide berekeningen naast elkaar te leggen. Zie de legitieme portie berekenen.

Rekenen met een vordering die nog niet opeisbaar is

Erft u een geldvordering die pas over jaren betaald wordt, dan mag u die niet voor de volle nominale waarde opgeven. De contante waarde ligt lager, en hoe verder het moment van uitbetaling weg ligt, hoe groter dat verschil. Voor de berekening wordt gewerkt met vaste factoren die afhangen van de looptijd en van de rente die over de vordering wordt vergoed.

Dit speelt vooral bij de wettelijke verdeling en bij een vruchtgebruiktestament. Ook de langstlevende profiteert daarvan: het vruchtgebruik dat hij of zij verkrijgt, wordt eveneens contant gemaakt. Loopt uw situatie hierop vast, laat de berekening dan nakijken. Een verkeerde waardering werkt door in de aanslag van alle erfgenamen tegelijk.

Rekenen met vermogen in het buitenland

Woonde de overledene in Nederland, dan telt het wereldwijde vermogen mee. Een vakantiewoning in Spanje, een rekening in België of aandelen bij een buitenlandse broker horen dus gewoon in de berekening.

Voor buitenlands onroerend goed geldt niet de WOZ-systematiek maar de waarde in het economisch verkeer. Dat betekent in de praktijk een taxatie of een onderbouwing met vergelijkbare verkopen ter plaatse.

Heft het andere land ook, dan ontstaat er dubbele belasting. Nederland kent een regeling om die te verminderen, maar u moet daar in de aangifte om vragen en de buitenlandse aanslag meesturen. Doet u dat niet, dan betaalt u twee keer over hetzelfde vermogen.

Let ook op de tienjaarsregel: iemand met de Nederlandse nationaliteit die binnen tien jaar voor zijn overlijden is geëmigreerd, wordt voor de erfbelasting nog steeds geacht in Nederland te wonen. Emigratie haalt de heffing dus niet meteen weg.

Veelgemaakte rekenfouten

De eerste is rekenen met de verkoopprijs van de woning in plaats van met de WOZ-waarde. Verkoopt u het huis kort na het overlijden voor meer dan de WOZ-waarde, dan is dat voor de erfbelasting niet van belang.

De tweede is de vrijstelling twee keer gebruiken, bijvoorbeeld één keer bij een legaat en nog een keer bij het erfdeel. U heeft één vrijstelling per nalatenschap, hoe u ook verkrijgt.

De derde is de kosten van de afwikkeling meetellen als schuld. Een taxatie, de notaris en de beloning van de executeur drukken wel op de nalatenschap, maar zijn voor de erfbelasting geen aftrekbare schuld van de erflater.

De vierde is vergeten dat schenkingen uit de laatste 180 dagen voor het overlijden alsnog bij de nalatenschap worden geteld. Wie kort voor het einde nog iets overmaakt om belasting te besparen, bereikt daarmee niets.

Rekenen bij een samengesteld gezin

In een samengesteld gezin loopt de rekensom zelden vanzelf. Er zijn eigen kinderen, stiefkinderen en soms een partner met wie de erflater niet gehuwd was. Ieder van hen zit mogelijk in een andere tariefgroep.

Neem een man die overlijdt en 300.000 euro nalaat. Hij woonde samen met een partner, had twee eigen kinderen en één stiefkind dat hij als eigen kind beschouwde. In het testament krijgt ieder een kwart.

De partner verkrijgt 75.000 euro. Is er een notarieel samenlevingscontract en is aan alle voorwaarden voldaan, dan valt dat ruim binnen de partnervrijstelling en is er niets verschuldigd. Ontbreekt dat contract, dan geldt een vrijstelling van 2.769 euro en 30 procent over 72.231 euro, ruim 21.600 euro.

De eigen kinderen verkrijgen ieder 75.000 euro, na vrijstelling 48.770 euro tegen 10 procent, dus 4.877 euro per kind. Het stiefkind wordt fiscaal gelijkgesteld met een eigen kind, mits de relatie met zijn ouder in stand was. Is dat zo, dan betaalt het hetzelfde als de anderen. Is de relatie destijds verbroken, dan valt het terug op de derde groep en betaalt het ruim 21.600 euro over hetzelfde bedrag.

Twee vragen bepalen in dit voorbeeld dus een verschil van meer dan veertigduizend euro: was er een notarieel samenlevingscontract, en bestond de relatie met de ouder van het stiefkind nog. Zie erfrecht in samengestelde gezinnen.

Een onderneming in de nalatenschap

Zit er een onderneming in de nalatenschap, dan verandert de rekensom wezenlijk. Eerst moet de onderneming worden gewaardeerd, en dat is geen kwestie van de balans overnemen. Er wordt gekeken naar de waarde in het economisch verkeer, waarbij goodwill, orderportefeuille en overtollige liquiditeiten allemaal een rol spelen.

Daarna wordt beoordeeld welk deel als ondernemingsvermogen kwalificeert en welk deel als belegging. Alleen over het eerste deel kan de bedrijfsopvolgingsregeling worden toegepast, waarbij de eerste 1,5 miljoen euro volledig is vrijgesteld en daarboven 75 procent.

Pas op het restant wordt de gewone berekening losgelaten: vrijstelling eraf, tarief erover. Daar komt vaak nog een claim inkomstenbelasting bij over het aanmerkelijk belang, die los van de erfbelasting staat.

Deze berekening laat zich niet met een online rekentool maken. Zie de bedrijfsopvolgingsregeling en bedrijf of BV erven.

Wat u zelf kunt narekenen

Voor de meeste nalatenschappen komt u met de stappen op deze pagina een heel eind. Een nalatenschap met een woning, wat spaargeld, een hypotheek en twee of drie kinderen is goed zelf door te rekenen, en het is verstandig dat te doen voordat u met de andere erfgenamen om tafel gaat.

Er zijn vier situaties waarin een eigen berekening niet volstaat. De eerste is een onderneming of een aanmerkelijk belang in een vennootschap. De tweede is een vruchtgebruik of een tweetrapsmaking, waarbij het vermogen wordt gesplitst en per deel gewaardeerd. De derde is vermogen in het buitenland, waarbij ook de vraag speelt welk land mag heffen. De vierde is een situatie waarin de tariefgroep onduidelijk is, bijvoorbeeld bij samenwoners zonder notarieel contract.

In die gevallen is het verschil tussen een goede en een matige berekening zo groot dat het de moeite loont om het te laten nakijken voordat de aangifte wordt ingediend. Achteraf corrigeren kan binnen de bezwaartermijn, maar dat is aanzienlijk meer werk.

Rekenen met een legaat vrij van recht

Staat er in het testament dat een legaat vrij van recht wordt afgegeven, dan betaalt de legataris de erfbelasting niet zelf. De erfgenamen nemen die last op zich. Dat verandert de rekensom aan beide kanten.

De legataris ontvangt het volle bedrag, maar de belasting die voor hem wordt betaald geldt fiscaal als een extra verkrijging. Over die vergoeding is dus ook weer erfbelasting verschuldigd. In de praktijk wordt dat opgelost met een berekening waarin de belasting over de belasting wordt meegenomen.

Voor de erfgenamen betekent het dat hun eigen verkrijging kleiner wordt, want het bedrag dat zij afdragen komt uit de nalatenschap. Wie een testament opstelt met een legaat vrij van recht, doet er goed aan die last vooraf te laten doorrekenen. Bij een legataris in de hoogste tariefgroep loopt zij namelijk hard op. Zie legaat en erfbelasting.

Twee overlijdens kort na elkaar

Overlijden twee mensen kort na elkaar, bijvoorbeeld een echtpaar binnen enkele maanden, dan wordt hetzelfde vermogen twee keer verkregen en in beginsel ook twee keer belast.

De wet kent daarvoor een tegemoetkoming. Wordt vermogen binnen een korte periode opnieuw vererfd, dan kan de tweede heffing worden verminderd. De precieze uitwerking hangt af van de termijn tussen beide overlijdens en van wie er verkrijgt.

Meld deze situatie altijd in de aangifte. Zij wordt niet automatisch herkend, en zonder beroep op de regeling betaalt u twee volle aanslagen over hetzelfde vermogen. Ook bij een langstlevende die kort na haar partner overlijdt terwijl de eerste nalatenschap nog niet is afgewikkeld, is dit een punt om na te lopen.

De aanslag narekenen

Wanneer de aanslag binnenkomt, loont het om hem na te rekenen. In de praktijk zien wij vier punten waarop het misgaat.

Het eerste is een verkeerde tariefgroep, bijvoorbeeld wanneer een stiefkind of een samenwonende partner niet als zodanig is herkend. Het tweede is een vergeten aftrekpost, meestal een openstaande belastingschuld of een deel van de uitvaartkosten. Het derde is de waardering van de woning, wanneer de WOZ-waarde van het verkeerde jaar is gebruikt. Het vierde is een vordering die op de nominale waarde is gesteld terwijl zij contant gemaakt had moeten worden.

Klopt er iets niet, dan heeft u zes weken na dagtekening om bezwaar te maken. Vraag daarbij tegelijk uitstel van betaling voor het betwiste deel, want een bezwaar schort de betaling niet automatisch op. Zie erfbelasting betalen.

Veelgestelde vragen over erfbelasting berekenen

Rekent de Belastingdienst per erfgenaam of per nalatenschap?

Per erfgenaam. Iedere verkrijger heeft een eigen vrijstelling, een eigen schijfgrens en een eigen aanslag. Dat is gunstig, want de schijfgrens van 158.669 euro geldt daardoor meerdere keren.

Tel ik de hypotheek af van de woning of van de hele nalatenschap?

Van de hele nalatenschap. In de praktijk komt dat op hetzelfde neer, omdat eerst alle bezittingen en daarna alle schulden bij elkaar worden opgeteld. Het gaat om het saldo.

Wat als de nalatenschap negatief is?

Dan is er geen erfbelasting verschuldigd. Wel is het verstandig om niet zomaar zuiver te aanvaarden, want dan bent u met uw eigen vermogen aansprakelijk voor de schulden. Zie beneficiair aanvaarden.

Moet ik rekening houden met een schenking van jaren geleden?

Voor de erfbelasting tellen alleen schenkingen uit de laatste 180 dagen mee. Voor de legitieme portie kunnen oudere schenkingen wel degelijk van belang zijn.

Krijg ik geld terug als de woning minder opbrengt dan de WOZ-waarde?

Nee. De aanslag is gebaseerd op de WOZ-waarde en wordt niet achteraf gecorrigeerd op basis van de verkoopprijs. Wel kunt u bezwaar maken tegen de WOZ-beschikking zelf.

Telt een uitkering uit een uitvaartverzekering mee?

Die verlaagt de aftrekbare uitvaartkosten. U mag alleen het deel van de uitvaartkosten aftrekken dat niet door de verzekering wordt gedekt.

Weten waar u aan toe bent

Een goede berekening geeft rust, ook als de uitkomst tegenvalt. Zij maakt duidelijk of het verstandig is om een woning aan te houden of te verkopen, of er uitstel van betaling nodig is en hoe de erfgenamen onderling moeten afrekenen.

Wordt er binnen de familie verschillend gerekend, dan is dat vaak een teken dat de waardering van één onderdeel ter discussie staat. Een woning, een onderneming of een lening aan een van de kinderen. In die gevallen helpt het om eerst dat onderdeel goed vast te stellen, voordat het gesprek over de verdeling wordt voortgezet.

Van Zinnicq Bergmann staat sinds 1870 naast cliënten in Noord-Brabant en daarbuiten. Wij rekenen uw situatie graag door en bespreken wat de uitkomst betekent voor de verdeling en voor de aangifte. Neemt u gerust telefonisch contact met ons op om uw vraag voor te leggen.

Wetgeving en rechtspraak veranderen. Dit artikel geeft algemene informatie en is geen juridisch advies. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend.

Wat cliënten over ons kantoor zeggen

9,5

uit 43 beoordelingen op Klantenvertellen

Ze schakelt snel, communiceert helder en heeft oog voor zowel de juridische als de menselijke kant van de zaak.

Jeroen, HedelHanneke van Haarlem, arbeidsrecht2026 via Klantenvertellen

Hij is deskundig, betrokken en werkt heel zorgvuldig. De communicatie verliep prettig en duidelijk, wat mij veel rust en vertrouwen gaf.

Sophie v G., ArnhemJean van Zinnicq Bergmann, erfrecht2026 via Klantenvertellen

Ik werd bij elke stap geholpen, werd voortdurend op de hoogte gehouden en werd hartelijk behandeld.

Olha Safarova, 's-HertogenboschHanneke van Haarlem, arbeidsrecht2026 via Klantenvertellen

Na maanden van op en neer mailen en bellen zijn we er dankzij de deskundigheid van Hanneke toch samen uitgekomen.

Edwin, UdenHanneke van Haarlem, arbeidsrecht2026 via Klantenvertellen

Ze vertelt alles heel rustig en kalm. Je weet meteen waar je aan toe bent en je kunt zien dat ze heel ervaren is.

Michael Oosterwaal, VlijmenHanneke van Haarlem2026 via Klantenvertellen

Zeer toegankelijk en laagdrempelig in de communicatie, evenals doortastend en meelevend.

René, BestHanneke van Haarlem2025 via Klantenvertellen

Krachtig, snel en kundig. Alissa heeft direct de onzekerheden weggenomen.

Anoniem, 's-HertogenboschAlissa van der Voet2025 via Klantenvertellen

Het kantoor hanteert een heldere en prettige manier van communiceren en men komt snel ter zake.

Marco, RosmalenArbeidsrecht2024 via Klantenvertellen

Cliënten krijgen na afloop van hun zaak een uitnodiging van Klantenvertellen om hun ervaring te delen.

Leg uw kwestie vrijblijvend voor

Beschrijf in het kort waar uw vraag over gaat. Een van onze advocaten neemt contact met u op om te bespreken wat mogelijk is.

Wij reageren binnen één werkdag
← Terug naar kennisbank

Meer weten of verder verdiepen?

Met meer dan 150 jaar ervaring en een sterke specialisatie in erfrecht en arbeidsrecht biedt Van Zinnicq Bergmann Advocaten deskundige en betrouwbare juridische begeleiding. Onze advocaten combineren diepgaande kennis met een persoonlijke en betrokken aanpak, waardoor u kunt rekenen op helder advies en een oplossing die echt werkt. Wij staan bekend om onze integriteit, duidelijke communicatie en het vermogen om complexe juridische vraagstukken terug te brengen tot overzicht en rust.

Neem contact op