
Loonstop na ziekmelding: wanneer mag een werkgever dat doen?
De Rechtbank Oost‑Brabant heeft zich op 17 februari 2026 uitgesproken over de vraag wanneer een werkgever bevoegd is om het loon van een werknemer stop te zetten na een ziekmelding. De casus gaat over een werknemer zich opnieuw ziekmeldt, terwijl de bedrijfsarts haar kort daarvoor arbeidsgeschikt heeft verklaard. De zaak laat zien waar de grenzen liggen van het recht op loon bij ziekte en welke verplichtingen rusten op zowel werknemer als werkgever.
Casus
De werknemer in deze zaak werkte als Consumer Service Advisor en had een langdurig re‑integratietraject doorlopen. Op 8 augustus 2025 meldde zij zich volledig hersteld. Kort daarna volgde opnieuw een ziekmelding. De bedrijfsarts beoordeelde haar op 17 september 2025 echter als arbeidsgeschikt voor haar eigen werk. De werkgever riep haar vervolgens op om het werk te hervatten, maar de werknemer verscheen niet. Toen zij op 24 september 2025 wél op kantoor kwam, kreeg zij een paniekaanval en ging direct weer naar huis. Zij meldde zich opnieuw ziek en stelde dat zij niet kon werken. De werkgever vond dat zij weigerde te werken terwijl zij arbeidsgeschikt was verklaard en kondigde een loonstop aan.
De werknemer vorderde in kort geding doorbetaling van loon en stelde dat de werkgever haar niet opnieuw door de bedrijfsarts had laten beoordelen na de paniekaanval. Volgens haar was sprake van een nieuwe ziekmelding die een nieuwe medische beoordeling vereiste.
Oordeel van de rechter
De rechtbank stelde de werkgever in het gelijk. Volgens de rechter was geen sprake van een nieuwe ziekmelding die een nieuwe beoordeling door de bedrijfsarts noodzakelijk maakte. De bedrijfsarts had immers op 17 september 2025 vastgesteld dat de werknemer arbeidsgeschikt was, en die beoordeling was op 25 september 2025 nog eens bevestigd. De paniekaanval vormde volgens de rechtbank geen nieuw medisch feit dat aanleiding gaf voor een herbeoordeling. De werknemer verzette zich vooral tegen het eerdere oordeel van de bedrijfsarts, maar dat is onvoldoende om een nieuwe beoordeling af te dwingen.
De rechtbank benadrukte dat het aan de werknemer was om een second opinion of deskundigenoordeel aan te vragen als zij het niet eens was met het oordeel van de bedrijfsarts. Zij was hier meerdere keren op gewezen, maar had dat niet gedaan. Omdat zij niet kwam werken terwijl zij arbeidsgeschikt was verklaard, mocht de werkgever het loon stopzetten op grond van artikel 7:629 lid 3 BW. De vordering tot herstel van vakantiedagen werd eveneens afgewezen, omdat bij een terechte loonstop geen opbouw van vakantie-uren plaatsvindt op grond van artikel 7:634 lid 1 BW.
Juridisch kader
Het recht op loon bij ziekte is geregeld in artikel 7:629 BW. Een werkgever hoeft geen loon te betalen wanneer een werknemer weigert mee te werken aan redelijke voorschriften of getroffen maatregelen die erop gericht zijn om de werknemer in staat te stellen passende arbeid te verrichten. Het oordeel van de bedrijfsarts is daarbij leidend. Alleen wanneer sprake is van nieuwe medische feiten of omstandigheden moet de werkgever opnieuw een beoordeling laten uitvoeren. Twijfelt de werknemer aan het oordeel van de bedrijfsarts, dan kan hij een second opinion aanvragen of een deskundigenoordeel bij het UWV. De verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij de werknemer.
Voor werknemers
(1) Vraag een deskundigenoordeel aan als u het niet eens bent met het oordeel van de bedrijfsarts.
(2) Zorg dat medische klachten direct worden vastgelegd bij huisarts of behandelaar.
(3) Verschijn op het werk wanneer u wordt opgeroepen, tenzij u medisch onderbouwd niet kunt werken.
Voor werkgevers
(1) Leg oproepen tot werkhervatting en waarschuwingen voor een loonstop schriftelijk vast.
(2) Wijs werknemers actief op de mogelijkheid van een second opinion of deskundigenoordeel.
(3) Pas een loonstop alleen toe wanneer duidelijk is dat de werknemer niet meewerkt aan re‑integratie.
Conclusie
De Rechtbank Oost‑Brabant maakt duidelijk dat een werkgever een loonstop mag toepassen wanneer de bedrijfsarts de werknemer arbeidsgeschikt verklaart en de werknemer vervolgens niet komt werken zonder een second opinion of deskundigenoordeel. Een paniekaanval op de werkvloer is onvoldoende om een nieuwe ziekmelding te rechtvaardigen wanneer er geen nieuwe medische feiten zijn. De drempel om een loonstop te rechtvaardigen is hoog, maar de verantwoordelijkheid om twijfel over de arbeidsgeschiktheid te laten toetsen ligt nadrukkelijk bij de werknemer.
Heeft u hierover een vraag of een andere arbeidsrechtelijke kwestie? Neem gerust contact met mij op!
mr Alissa van der Voet Van Zinnicq Bergmann Advocaten
Advocaat arbeidsrecht ‘s-Hertogenbosch
RECENTE BLOGS
Loonstop na ziekmelding: wanneer mag een werkgever dat doen?
Sluiting van een afdeling tijdens ziekte: mag ontslag dan wel?
Proefdagen tellen mee voor ketenregeling
Loonstop bij weigering re-integratie
Urenaanbod en rechtsvermoeden arbeidsomvang bij oproepkrachten
CATEGORIEËN
Algemeen juridischArbeidsrecht
Contractenrecht
Overig juridisch
Personen en familierecht
Procesrecht


